CAO 2008/2010
Home
CAO volledig
pg2tot5
pg6tot10
pg11tot15
pg16tot23
=> pag.16 ART.26 (loonberek.)
=> pag.17 ART.27-28-29-30-31
=> pag.18 ART.32-33-34-35
=> pag.19 ART.36-37-38
=> pag.20 ART.39 tm/42 vergoeding
=> pag.21 ART.43-44-45 scholing
=> pag.22 ART.46
=> pag.23 ART.47-48-49 (mob.kraan)
pag24tot31
CAO bijlagen
waar gevonden?
pag.22 ART.46





Artikel 46
Uitkering bij overlijden
1. De werkgever dient na het overlijden van een werknemer aan de nabestaanden een
uitkering te verstrekken.
2. De uitkering wordt verstrekt over de periode vanaf de dag van overlijden tot en met de
laatste dag van de 2e maand na die, waarin het overlijden plaatsvond.
3. De uitkering moet worden berekend naar het laatst verdiende brutoloon dat de werknemer
toekwam.
4. De nabestaanden zijn:
a. De langstlevende van de echtgenoten van wie de werknemer niet duurzaam
gescheiden leefde danwel degene met wie de werknemer ongehuwd
samenleefde.3
b. Bij ontbreken van de onder a. bedoelde persoon, de minderjarige wettige of erkende
natuurlijke kinderen.
c. Bij ontbreken van de onder a en b bedoelde personen degenen ten aanzien van wie
de overledene grotendeels in de kosten van het bestaan voorzag en met wie hij in
gezinsverband leefde. 4
5. De uitkering mag alleen worden verminderd met de overlijdensuitkering welke de
nabestaanden van de WAO/WIA ontvangen.
3 Van ongehuwd samenleven is sprake indien twee ongehuwde personen een gezamenlijke
huishouding voeren, met uitzondering van bloedverwanten in de eerste graad.
4 Van “leven in gezinsverband” is sprake, indien de betrokkenen hun hoofdverblijf hebben in
dezelfde woning, zij blijk geven zorg te dragen voor elkaar door middel van het leveren van
een bijdrage in de kosten van de huishouding, danwel op andere wijze in elkaars verzorging
voorzien.



This website was created for free with Own-Free-Website.com. Would you also like to have your own website?
Sign up for free